Het aantal vennootschapsvormen vermindert

13 maart 2019
Alle coöperaties

Het nieuwe wetboek vennootschappen en verenigingen (WVV) treedt in werking op 1 mei 2019.

Vanaf nu zullen we je regelmatig op de hoogte te brengen van de implicaties van deze nieuwe wetgeving.

Hieronder lees je onder welke basisvormen de huidige vennootschapsvormen een plaats vinden.

Ons vennootschapsrecht wordt eenvoudiger, dat was toch de initiële bedoeling. In het nieuwe Wetboek Vennootschappen en Verenigingen (WVV) wordt het aantal vennootschapsvormen herleid naar enkele basisvormen:

  • de maatschap wordt de basisvorm van de personenvennootschap:
    • de maatschap zonder rechtspersoonlijkheid (dat is dus eigenlijk een feitelijke vereniging met een winstverdelingsoogmerk) is de standaardvorm
    • de maatschap mét rechtspersoonlijkheid en met onbeperkt aansprakelijke vennoten wordt een vennootschap onder firma, een VOF
    • de maatschap mét rechtspersoonlijkheid en met minstens één stille vennoot wordt een commanditaire vennootschap, een CommV
  • de besloten vennootschap (BV) wordt de basisvorm voor elke KMO, dit is een vennootschap met rechtspersoonlijkheid en met beperkte aansprakelijkheid voor haar vennoten
  • de naamloze vennootschap (NV) wordt voorbehouden voor gereglementeerde kapitaalvennootschappen
  • de coöperatieve vennootschap (CV) wordt voorbehouden voor coöperaties.

Deze vier basisvormen volstaan om alle huidige vennootschapsvormen een plaatsje te geven. Een paar voorbeelden ter illustratie:

  • de coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid die verdwijnt kan zich terugvinden in de nieuwe VOF (voor zover de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn) of in de nieuwe CV (voor zover de coöperatieve eigenheid centraal staat);
  • de eenpersoons-BVBA, EBVBA, wordt overbodig aangezien elke BV kan worden opgericht door één persoon;
  • het economisch samenwerkingsverband (ESV), wat zich kenmerkte door de onbeperkte aansprakelijkheid van de leden, kan zich terugvinden in de nieuwe VOF;
  • de Europese vennootschap (SE) en de Europese coöperatieve vennootschap (SCE) blijven bestaan;
  • de landbouwvennootschap (LV) is een specifieke vennootschap voor de exploitatie van een mandbouwbedrijf met belangrijke voordelen op het vlak van fiscaliteit en pachtwetgeving. In het WVV verdwijnt de landbouwvennootschap als afzonderlijke rechtsvorm, maar kunnen de VOF, de CommV, de BV en de CV een erkenning krijgen als landbouwvennootschap, waardoor de vennootschap in kwestie kan (blijven) genieten van voormelde voordelen.

Lees ook:

De coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid verdwijnt. Wat zijn de alternatieven?

Vanaf wanneer heeft de inwerkingtreding van de nieuwe vennootschapswet concrete implicaties op jouw coöperatie?

Deze nieuwe wet is een unieke gelegenheid voor coöperaties om hun coöperatieve identiteit te versterken, de coöperatie krijgt “haar eigenheid” terug.